Digitale didactiek
Leeruitkomst Digitale didactiek
Je beheerst de digitale didactiek op basis-, gevorderd of expertniveau en kunt dit demonstreren op basis van authentiek e-didactisch materiaal op een wijze die congruent is met de gevraagde vaardigheid. Je legt een onderbouwde verbinding tussen inzet van digitale middelen en de leerfunctie.
Criteria
⋅ Professionele betrokkenheid: Je zet digitale technologieën in voor communicatie, professionele samenwerking en professionele ontwikkeling.
⋅ Digitale leermaterialen: Je selecteert, maakt/wijzigt, beheert, beschermt en deelt digitale leermaterialen.
⋅ Leren en doceren: Je beheert en regisseert de inzet van digitale technologieën voor instructie, begeleiding, samenwerkend leren en zelfregulerend leren.
⋅ Assessment: Je zet digitale technologieën in voor het versterken van assessment strategieën, het analyseren van gedrag, prestaties en voortgang, en het geven van feedback.
⋅ Empowerment van lerenden: Je zet digitale technologieën in ten behoeve van toegankelijkheid en inclusiviteit, differentiatie en personalisatie, en actieve betrokkenheid van lerenden.
⋅ Digitale geletterdheid van lerenden: Je stelt lerenden in staat digitale technologieën op creatieve en verantwoorde wijze in te zetten voor informatie, communicatie, content creatie, welzijn en probleemoplossing.
REFLECTIE
Waar stond ik?
Ik hoor nog net bij de generatie die is opgegroeid zonder internet. Of ten minste, tijdens mijn tijd op de basisschool had lang niet iedereen daar beschikking toe. Op de Middelbare School werd internet en het gebruik van de computer al iets normaler en tegen de tijd dat ik aan de Universiteit studeerde had bijna iedereen wel een laptop. Ik kon daar goed mee omgaan en leerde altijd snel als er nieuwe ontwikkelingen waren. Bij IKEA kwam ik zelfs in het pilot team terecht dat Webcare en Social Media op de kaart moest zetten. Ook daarna, in mijn werk als HR adviseur, maakte ik veel gebruik van de computer en van (online) programma’s en systemen. Toen ik te horen kreeg dat ik voor het BDB portfolio ook moest werken aan de leeruitkomst Digitale Didactiek, moest ik echter eerst eens goed uitzoeken wat dat nou eigenlijk is. Want, hoewel ik altijd veel met digitale tools, werk en heb gewerkt, dagelijks communiceer via online platforms en ook nu bij het lesgeven veel gebruik maak van technologie, deed ik dat zonder er veel bij na te denken.
Ik zocht op wat digitale didactiek nou eigenlijk behelst. “Digitale didactiek omvat de kennis en kunde waarmee we digitale middelen kunnen inzetten om het leerproces van de student te verbeteren” (Hogeschool Utrecht, z.d.-h) Ik besefte me dat het hier dus niet alleen gaat om het gebruik van digitale middelen, maar vooral om hoe je deze middelen doelgericht en effectief inzet om het leren van studenten te ondersteunen en te versterken. Dat deed ik nog niet bewust. Wat betreft de inzet van digitale middelen was ik dus geen beginner, maar wat betreft de bewuste insteek daarvan wel. Voor mij was het daarom belangrijk om op een rijtje te zetten:
- Welke middelen zet ik in? Waarom doe ik het? Hoe helpt het mij? En hoe helpt het in het leren van de student?
De reflectie voor deze leeruitkomst steek ik iets anders in dan de voorgaanden. Ik bespreek hier stap voor stap de criteria en de bijbehorende indicatoren, leg uit wat ik daar in doe en bespreek wat het betekent voor mijn als docent en voor het leren van de student. Zodat ik duidelijk kan aantonen dat ik digitale didactiek inmiddels, in ieder geval op basisniveau, beheers, materiaal kan tonen en onderbouw hoe ik het inzetten van digitale middelen kan verantwoorden in het licht van het leren van de student.
Stap voor stap langs de criteria:
Professionele betrokkenheid: Je zet digitale technologieën in voor communicatie, professionele samenwerking en professionele ontwikkeling.
Ik gebruik dagelijks digitale technologieën voor communicatie, professionele samenwerking en professionele ontwikkeling. Zo maak ik bijvoorbeeld aan het begin van een atelierperiode een Teams omgeving aan waarbinnen ik kan communiceren met mijn studenten, en studenten kunnen communiceren met elkaar. Op teams plaats ik ook de materialen. Door een centrale en makkelijk toegankelijke plek voor alle relevante documenten en communicatie in te richten geef ik de studenten de mogelijkheid zelfstandig en op elk gewenst moment te leren. Voor andere vakken, zoals HRM expert sessies, doen wij dit als vakgroep centraal, op Blackboard.
Studenten kunnen mij bereiken via e-mail, maar ze weten dat ik de voorkeur geef aan Teams. Mijn inbox stroomt dan minder vol en vaak zijn het snelle vragen, waarmee ik de student via Teams snel kan helpen. En als het toch wat ingewikkelder wordt, kan ik ze meteen bellen via een video call. Dit doe ik om studenten, waar mogelijk, snel te helpen met hun vragen/ worstelingen, zodat ze niet te lang vast lopen in hun leerproces. Als het goed is verhoogt dat hun motivatie.
Wat betreft professionele samenwerking gebruiken we bij de HMSL e-mail, maar ook Teams. Via Teams hebben we soms vergaderingen, delen we documenten (zoals powerpoints voor atelier, excel-documenten met aantekeningen over portfolio gesprekken, maar nog veel meer) en planningen.
Voor mijn eigen Professionele ontwikkeling is het gebruik van digitale middelen ook heel erg handig. Ik ben natuurlijk als BDB-student aangesloten bij de Blackboard omgeving van de BDB en ontvang zo nu en dan feedback via FeedbackFruits. Via de Teams omgeving van mijn COL-groep en onze whatsapgroep kunnen we elkaar ondersteunen als we vragen of worstelingen hebben, of elkaar inspireren.
Ik volg ook wel eens webinars, zoals onlangs een workshop via Teams over toetsbekwaamdheid, die was georganiseerd door een andere hogeschool. Teams maakt het zo makkelijk om dit soort dingen te kunnen doen, ook als je niet de mogelijkheid hebt om een hele dag ergens anders in het land te zijn. Het is natuurlijk heel erg helpend in je eigen leerproces, om soms ook eens buiten je eigen context, met collega’s van over het hele land, te kunnen discussiëren over werkinhoudelijke zaken. Daarnaast gebruik ik Linkedin om mijn netwerk te onderhouden en ontwikkelingen in mijn vakgebied mee te krijgen.
Digitale leermaterialen: Je selecteert, maakt/wijzigt, beheert, beschermt en deelt digitale leermaterialen.
Als startend docent heb ik veel gewerkt met het materiaal dat al beschikbaar was, zoals powerpoints en bestaande opdrachten. Daarin heb ik het afgelopen jaar echter veel gewijzigd. Vanuit mijn leerdoelen bij atelier Uitvoeren ben ik bijvoorbeeld aan de slag gegaan met het wijzigen van mijn powerpoints, het toevoegen van animations en het weghalen van te grote lappen tekst. Daarmee help ik de student in zijn/haar leren: mijn presentaties vragen nu méér van de student zelf (aantekeningen maken, met aandacht erbij zijn, voorkennis activeren).
Zo nu en dan gebruik ik Kahoot of Mentimeter om wordclouds of quizes met studenten te maken/doen. Daarmee kan ik bijvoorbeeld toetsen welke voorkennis studenten hebben, of in hoeverre ze de stof hebben begrepen. Het zorgt ook voor meer interactiviteit in de les.
Wat betreft het beheren van digitale leermaterialen: ik houd overzicht, door het gebruik van mappenstructuren in bijvoorbeeld Teamsgroepen en houd oog op wie er toegang heeft tot die groep. Als een student bijvoorbeeld besluit te stoppen met een vak, dan wordt deze student uit de groep verwijderd.
Het beschermen van digitale leermaterialen doe ik door mijn powerpoints bijvoorbeeld altijd als PDF in groepen te zetten. Zo kunnen studenten het gebruiken om te studeren, maar niet klakkeloos kopiëren. Ik ben degene die wijzigingen aan kan brengen waar nodig. Ik leer studenten over APA en waarom het belangrijk is om te zorgen voor professioneel gebruik daarvan. Ik ben in deze ook vrij streng als ik opdrachten nakijk; een goede basis in deze is het halve werk.
Als ik materialen deel let ik er uiteraard op dat er geen persoonsgegevens in de documenten zijn opgenomen die niet in de handen van anderen terecht moeten komen. Ik deel leermateriaal meestal bewust pas achteraf via Teams met studenten en in mijn powerpoints zorg ik er voor dat er niet te veel tekst is opgenomen. Mijn verhaal moet ook waardevol zijn. Zo zorg ik er voor dat ze gestimuleerd worden om naar de les te komen en zelf actief met het materiaal aan de slag moeten gaan.
Leren en doceren: Je beheert en regisseert de inzet van digitale technologieën voor instructie, begeleiding, samenwerkend leren en zelfregulerend leren.
Instructie: Ik geef het liefst face to face instructies, maar gebruik tools als PowerPoint en Teams, e-mail en Blackboard om deze instructies vast te leggen en studenten er aan te herinneren. Zo kunnen studenten achteraf de instructies in hun eigen tempo teruglezen. Ik maak ook gebruik van video’s om mijn eigen instructie te ondersteunen. Bij onderwerpen als ‘onderzoek doen’ gebruik ik video’s van Sribbr. Deze zijn op een hele toegankelijke en laagdrempelige manier vormgegeven. Ik plaats de video’s (of de powerpoint waarin de video is opgenomen) op Teams zodat studenten het later nog kunnen terugkijken.
Heel soms gebruik ik Teams om een gehele les te geven. Na corona tijd is dit niet gebruikelijk meer, maar zo nu en dan, als ik bijvoorbeeld een ziek kind thuis heb, kan dit heel handig zijn. Zo kan ik er zijn voor mijn studenten en hoef ik de les niet op een later moment in te halen.
Begeleiding; Zoals aangegeven gebruik ik met name Teams als platform voor laagdrempelige communicatie en begeleiding van mijn studenten. Ze weten dat ze me meestal snel kunnen bereiken via chat of een video call. Door het gebruik van digitale middelen kunnen studenten tijdig ondersteuning van mij krijgen, ook als ik niet ter plekke ben. Dat is met name prettig voor coachstudenten die echt niet lekker in hun vel zitten en ik merk dat dat heel erg wordt gewaardeerd.
Door de toegang tot digitale middelen als Blackboard (Grade Centre), Progress, YOS en Power BI kan ik ook makkelijk de voortgang van mijn studenten bekijken. Dat helpt me om ze tijdig aan te sturen als dit nodig is in hun leerproces. Ik gebruik YOS soms om notities te maken en vraag studenten om dit ook te doen. Hier zou ik soms nog wel actiever in mogen zijn.
Samenwerkend leren: Door Teams omgevingen te creëren faciliteer ik de samenwerking tussen studenten (en tussen studenten en mij). In Teams maak ik voor atelier-groepjes idealiter ook een subomgeving (kanaal) aan, waar ze als groepje samen kunnen werken. Binnen zo’n omgeving kunnen ze communiceren, documenten delen en gezamenlijk aan projecten werken. Vaak geven de groepjes er echter de voorkeur aan om dit zelf te regelen. Dat motiveer ik alleen maar; in het kader van zelfregulerend leren is het mooi als ze in staat zijn om zelf verantwoordelijkheid te nemen voor het creëren van een passende omgeving om samen te werken.
Zelfregulerend leren: Door digitale materialen beschikbaar te stellen in Teams (of als vakgroep op Blackboard) stimuleer ik studenten om zelfstandig verder te leren, ook buiten het atelier. Soms vinden studenten dit nog erg moeilijk. Daarom stimuleer ik ze hierbij, door bijvoorbeeld kleine opdrachten mee te geven, die gekoppeld zijn aan het online lesmateriaal. In atelier stimuleer ik studenten om planningen te maken met gebruik van digitale tools. Bijvoorbeeld: ze moeten een Gantt chart maken voor hun design challenge. Op deze manier leer ik studenten over handige tools, die hen kunnen helpen verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen planning.
Assessment: Je zet digitale technologieën in voor het versterken van assessment strategieën, het analyseren van gedrag, prestaties en voortgang, en het geven van feedback.
Ik gebruik tools als Blackboard en daarbinnen FeedbackFruits om studenten van feedback te voorzien. Het inrichten van bijvoorbeeld het Grade Centre en Feedback Fruits wordt gedaan door collega’s van mij. Binnen deze omgevingen beoordeel ik opdrachten en portfolio’s en voorzie ik ze van feedback. Ik ben erg enthousiast over FeedbackFruits. Als beoordelaar vind ik het heel erg prettig dat ik mijn eigen feedback (die ik al eerder bij andere groepjes heb gebruikt) kan hergebruiken en aanpassen. Ik denk dat het voor het leren van de student heel erg belangrijk is dat zij in FeedbackFruits álle feedback moeten lezen en ‘afvinken’ alvorens ze hun resultaten krijgen.
Ik gebruik zo nu en dan Kahoot/mentimeter om snel inzicht te krijgen in de voorkennis van studenten, maar ook om te kijken hoe ze de stof hebben begrepen. In die zin gebruik ik het dus als ‘klein’ toetsingsmoment en kan ik kijken hoe de voortgang van de groep als geheel is.
Voor het bewaken van voortgang van mijn coach studenten gebruik ik Progress maar ook het Grade Centre (waarin formatieve toetsen en feedback wordt opgenomen). Het is erg veel werk om dit te doen en vrij omslachtig, dus ik doe dit met name op het moment dat ik signalen krijg dat het niet zo goed gaat met een student. Daarom is de communicatie met mijn collega’s zo belangrijk.
Empowerment van lerenden: Je zet digitale technologieën in ten behoeve van toegankelijkheid en inclusiviteit, differentiatie en personalisatie, en actieve betrokkenheid van lerenden.
In het bewust nadenken over het inrichten van mijn lessen zodat alle studenten (met verschillende achtergronden, uitdagingen en capaciteiten) succesvol kunnen leren kan ik nog veel meer in groeien. Ik wil hier in de toekomst meer over leren, door eerst eens bij collega’s na te vragen of- en hoe-zij dit doen.
Op dit moment herken ik me bij dit criterium met name in het actieve betrokkenheid van lerenden. Bijvoorbeeld door mentimeter/ kahoot in te zetten om alle studenten actief bij de les te betrekken.
Digitale geletterdheid van lerenden: Je stelt lerenden in staat digitale technologieën op creatieve en verantwoorde wijze in te zetten voor informatie, communicatie, content creatie, welzijn en probleemoplossing.
Ik help ik studenten digitale technologieën in te zetten om hun leer- en werkprocessen te verbeteren. Ik leer ze bijvoorbeeld hoe ze online betrouwbare bronnen kunnen vinden (bijvoorbeeld via de website van onze bibliotheek en Google Scholar). Ik weet dat studenten (en ik zelf ook) veel gebruik maken van AI. Daarom praat ik met ze over het gebruik daarvan. In één van mijn ateliers heb ik bij wijze van oefening van te voren zelf een stakeholder analyse laten maken door ChatGPT. Ik heb studenten dit laten zien. We hebben het er over gehad dat ChatGPT een heel eind komt, maar ook veel fouten maakt. Pas als je de stof zelf goed beheerst, kan je die fouten, of nuanceringen, herkennen. Ik stimuleer ze om ChatGPT te gebruiken als een assistent, maar niet als uitvoerder en eindverantwoordelijke van hun taak.
Als studenten in een groepje samenwerken, bijvoorbeeld in atelier, kan het nogal eens voorkomen dat ze na verloop van tijd problemen in de samenwerking ervaren. Vaak komen ze naar mij toe en vragen ze om hulp. Ik ga dan met ze in gesprek en vaak blijkt dat ze buiten het atelier om vooral Whatsap gebruiken om met elkaar te communiceren over afspraken, verwachtingen en teleurstellingen. Door hierover in gesprek te gaan als groepje komen we er achter dat het gebruik van Whatsap heel handig is, maar soms ook ‘onhandig’ als je het ook gebruikt om moeilijkere zaken aan te kaarten. Je ziet elkaars gezichtsuitdrukkingen, lichaamstaal niet, herkent geen emoties. Dat kan er voor zorgen dat berichten verkeerd geïnterpreteerd worden en kan leiden tot misverstanden of escalaties. Door dit soort gesprekken met studenten te voeren probeer ik ze te helpen een juiste balans te zoeken tussen de inzet van digitale technologie en het voeren van het ‘echte’ gesprek.
Als het gaat om content creatie zijn de meeste studenten veel slimmer en handiger met digitale tools dan ik. Ze mogen deze van mij gerust inzetten. Wel wijs ik ze er op als ik te weinig ‘persoonlijkheid’ terug zie in hun opdrachten. Je kan gebruik maken van tools, terwijl je tegelijkertijd je eigen sausje er over heen kan gieten.
De bestemming… en verder!
Middels bovenstaande reflectie vertrouw ik erop te hebben aangetoond aan de leeruitkomst en onderliggende criteria te voldoen. Ik heb laten zien dat ik al veel ervaring heb met digitale middelen en nu ook bewust kan onderbouwen waarom en hoe ik deze inzet om zowel mijn eigen rol als docent als het leerproces van studenten te ondersteunen. In een wereld die continu verandert, vind ik het belangrijk om mezelf op dit gebied te blijven ontwikkelen. Zo kijk ik ernaar uit om te gaan werken met een tool als Dialogue Trainer. Hiermee wil ik studenten laten oefenen met het voeren van moeilijke gesprekken, zodat zij zich beter voorbereid voelen op de uitdagingen die hen later, in de ‘offline wereld’, te wachten staan. Door digitale middelen in mijn leeromgevingen in te blijven zetten, wil ik bijdragen aan het versterken van de leerervaringen van mijn studenten en ze beter toerusten voor de praktijk die komen gaat.